Wat te doen na een verkeersongeval. Als er bij het ongeval doden of gewonden zijn, moet de politie worden gewaarschuwd. De politie is bereikbaar op het landelijk alarmnummer 110. De politie maakt dan een proces-verbaal op. Of de politie in andere gevallen moet worden gewaarschuwd, is afhankelijk van de ernst van de schade. Bij ongevallen met niet al te ernstige zaakschade, is de politie niet verplicht proces-verbaal op te maken. De plaats van het ongeval mag niet worden verlaten zonder alle voor de schade-afwikkeling belangrijke gegevens met de andere ongevalsbetrokkenen te hebben uitgewisseld.
Het is een strafbaar feit dit wel te doen. Wanneer de politie niet ter plaatse komt, bijvoorbeeld wanneer er alleen materiële schade is, wordt dringend aanbevolen om gebruik te maken van het Europees Schadeformulier, dat bij de eigen verzekeringsmaatschappij verkrijgbaar is. Het is belangrijk dat het formulier door beide bij het ongeval betrokken partijen wordt ondertekend, omdat het formulier over het algemeen als bewijs dient. Van belang is het ook om de namen en adressen van eventuele getuigen te noteren en informatie over de toedracht van het ongeval te vermelden. Maak eventueel een foto van de plaats van het ongeval.

Belangrijk: onderteken het Europees Schadeformulier nooit als u niet begrijpt wat er staat! Dit geldt ook voor andere verklaringen over de schuldvraag van het ongeval. Zet ook nooit uw handtekening als er verschillen van mening zijn over de toedracht van het ongeval. In een dergelijk geval kunt u de politie waarschuwen, ook als het alleen om zaakschade gaat.

Juridische procedures. Op grond van de Duitse Straßenverkehrsgesetz is de houder van een motorvoertuig is risico-aansprakelijk voor de schade die hij bij gebruik van het voertuig veroorzaakt, ook al kan hem geen schuld aan het ongeval kan worden toegerekend. Een motorrijtuig is in gebruik zolang deze zich in het verkeer bevindt en andere verkeersdeelnemers aan gevaar blootstelt. De houder is niet aansprakelijk als hij kan bewijzen dat het ongeval te wijten is aan overmacht. De risico-aansprakelijkheid geldt niet ten aanzien van inzittenden. Naast deze risico-aansprakelijkheid bestaat er ook schuldaansprakelijkheid. Op grond van het Burgerlijk Wetboek is degene die de in het verkeer vereiste noodzakelijke zorgvuldigheid niet in acht neemt, aansprakelijk voor de schade die hij daardoor veroorzaakt.

Strafprocedures. Als de bestuurder van een bij een ongeval betrokken voertuig een verkeersdelict heeft begaan, wat het ongeval tot gevolg heeft, kan dit leiden tot een gerechtelijk vooronderzoek. Dit kan het geval zijn als het ongeval lichamelijke letsel tot gevolg heeft, maar ook als het ongeval het gevolg is van een gevaarlijke verkeersmanoeuvre. Als tot strafvervolging wordt overgaan, kan het slachtoffer zich in de strafzaak als civiele partij voegen. Dit kan alleen als de civiele vordering niet al te complex is. De rechter die over de strafzaak oordeelt, oordeelt dan ook over de civiele vordering. Als de verdachte wordt vrijgesproken of als de civiele vordering te complex is, kan de rechter afzien van een oordeel over de civiele vordering. In Duitsland wordt in de praktijk weinig gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot civiele partijstelling.

Rechtshulp.
Rechtsbijstand van een advocaat in een strafzaak voor een lager gerecht (Ambtsgericht) is raadzaam en is verplicht voor een hoger gerecht (Landgericht en andere). Een rechtsbijstandverzekering kan hier uitkomst bieden.

Civiele procedure.
In de praktijk worden vorderingen tot schadevergoeding behandeld door de civiele rechter. De meeste vorderingen worden zonder rechterlijke tussenkomst afgehandeld. Vordering tot vergoeding van de schade moeten worden ingediend bij de verzekeraar van de tegenpartij. Deze kan rechtstreeks worden aangesproken. Als men er met de verzekeraar niet tot een vergelijk kan komen, kan men zijn vordering voorleggen aan de civiele rechter.

Rechtshulp Gaat het om een aanzienlijke schade, bijvoorbeeld ernstig letsel, dan is het raadzaam om juridische bijstand te zoeken, eventueel een rechtsbijstandverzekering. Bijstand door een advocaat is alleen verplicht in procedures bij een rechtbank (Landgericht); voor procedures bij een lagere rechter (Ambtsgericht) is dit niet verplicht. Kosten van rechtsbijstand worden vergoed voor zover deze bijstand noodzakelijk is geweest. Als men de rechtszaak wint, worden de kosten door de tegenpartij vergoed.

Schadevergoeding/verjaringstermijnen.
Vorderingen kunnen rechtstreeks schriftelijk worden ingediend bij de verzekeraar van de tegenpartij. In het algemeen geldt dat men het ontstaan van de schade, de hoogte en de omvang ervan moet kunnen bewijzen. Dit kan door middel van getuigen, facturen, expertiserapporten. Als de schadeveroorzaker onverzekerd is of als zijn identiteit niet kan worden vastgesteld, kan de benadeelde een beroep doen op het Duitse waarborgfonds motorverkeer (Verein für Verkehrsopferhilfe).

Verjaringstermijnen. Strafprocedures.
Verjaringstermijnen kunnen verschillen. De termijn is afhankelijk van welk soort verkeersdelict is begaan en welke straf op dat verkeersdelict staat. Eenvoudige verkeersovertredingen verjaren na 3-6 maanden; verkeersdelicten die worden afgedaan met een geldboete verjaren na 6 maanden tot 3 jaar. Voor ernstige verkeersdelicten waarop gevangenisstraf staat verjaren na 3-5 jaar.
Civiele procedures. Binnen 2 maanden na het bekend worden van de schade en de dader moet de schade worden gemeld bij de verzekeraar of de aansprakelijke tegenpartij zelf. Laat men dit na, dan kan men zijn schade niet meer op grond van risico-aansprakelijkheid vorderen. Vorderingen tot vergoeding van schade na verkeersongevallen, hetzij gebaseerd op risico-aansprakelijkheid, hetzij gebaseerd op schuldaansprakelijkheid verjaren na 3 jaar.

Te vergoeden schade.
Alle noodzakelijke en daadwerkelijk gemaakte kosten voor medische behandeling en verzorging, inclusief reiskosten ten behoeve van de medische behandeling, komen voor vergoeding in aanmerking. Daarnaast moet de schadevergoedingplichtige alle kosten vergoeden die met het verwerven van een inkomen samenhangen. Dus niet alleen de inkomstenderving waaronder vakantiegeld, gratificaties, overwerk, maar alle andere economische nadelen die met het verlies aan arbeidskracht te maken hebben, zoals fooien, winstderving, pensioenuitkering, schade wegens het verlaat betreden van de arbeidsmarkt.
Als de werkgever verplicht is het loon door te betalen, ontstaat in beginsel geen inkomensschade. De vordering van de werkgever gaat dan over op de werkgever. Het gewonde slachtoffer heeft recht op een passend smartengeld. De hoogte van het smartengeld is afhankelijk van de aard en ernst van het letsel, de duur van de behandeling, de mate van schuld van het slachtoffer als van de schadeveroorzaker. Als het slachtoffer is overleden, hebben diens nabestaanden, als zij voor hun levensonderhoud afhankelijk waren van de overledene, recht op vergoeding van de kosten van levensonderhoud. Naasten van een overleden of ernstig gewond slachtoffer hebben in beginsel geen recht op smartengeld. Echter, soms wordt een symbolisch smartengeld uitgekeerd voor een bijzonder tragisch verlies, bijvoorbeeld bij overlijden van kinderen of in het geval van een ernstige medisch vast te stellen, psychisch letsel als gevolg van de dood van een familielid.

Ongeval in het buitenland.
Op ongevallen buiten het eigen land is vanaf 20 januari 2003 de 4e Europese Richtlijn Aansprakelijkheid Motorrijtuigverzekeringen (WAM) van toepassing. Het slachtoffer van een ongeval in het buitenland kan op een eenvoudige manier zijn schadevergoeding indienen bij de verzekeraar van de schuldige tegenpartij. Dit kan in het land van het slachtoffer bij een vertegenwoordiger van die buitenlandse verzekeraar: de zogenoemde schaderegelaar. Het adres van de schaderegelaar is bekend bij het Informatie Centrum. Daar is ook meer informatie over het Schadevergoedingsorgaan dat zo nodig de schade compenseert wanneer de verzekeraar geen schaderegelaar heeft aangewezen of geen antwoord geeft op de claim van de benadeelde. Meer informatie over deze procedure vindt u op deze website.

Nuttige adressen.
FEVR aangesloten organisatie. DIGNITAS Friedlandstrasse 6, D-41747 Viersen 1Tel: +49 2162 20032 Fax: +49 2162 352312
Website:
www.dignitas-ev.de

Verein für Verkehrsopferhilfe e.V., Glockengiesserwall 1, D - 20095 HAMBURG 1telefoon: (00-49) 40 301800, fax: (00-49) 4030180700,
e-mail:
voh@verkehrsopferhilfe.de

ADAC, Am Westpark 8, D-81373 München 
www.adac.de
Alarmnummer politie 110

klachten over verzekeraar: Bundesamt für das Versicherungswesen, Postfach 150180, D-1000 Berlin 5